Senior (FNV) 1, 2018 Hoe ouder hoe beter?

Door Joep Dohmen

Wat is de overeenkomst tussen onze ‘grote oude mannen´ Lubbers, van Agt en Wijffels? Dat ze pas op hun oude dag een sterke morele betrokkenheid aan de dag zijn gaan leggen! Toen ze nog gewoon aan de macht waren als politicus of bankier, merkte je daar veel minder van. Nu het graf gaapt, zitten ze met een schuldgevoel en vertellen ze ons dat we de kant van de onderdrukten moeten kiezen, of dat we zuinig moeten zijn op moeder aarde. ´Beter laat dan nooit´, zult u misschien zeggen. Toch voel ik me er behoorlijk ongemakkelijk bij.

Zou moraal iets zijn dat pas met de jaren komt? Zo dacht Aristoteles, een van de eerste grote westerse filosofen die over de menselijke levensloop heeft nagedacht, er zeker niet over. Volgens hem worden oudere mensen steeds achterdochtiger.  Ze worden helemaal niet ruimhartig maar steeds egoïstischer. Dat doen ze uit wraak omdat het leven hen vernederd heeft. Aristoteles’ visie heeft weerklank gevonden in de westerse geschie­denis. Ook volgens Schopen­hauer is het leven een grote desillusie en Sigmund Freud was het hartgrondig met hem eens. Volgens deze pessimisten worden mensen gaandeweg juist eerder slechter dan beter. In het begin lijkt het leven nog heel wat, maar al gauw ontdek je dat het tegenvalt en op je oude dag ben je al je illusies wel kwijt. Dan donder je rancuneus het graf in. Vandaag horen we van alles over senioren en hoe ze gezond, fit en zelfredzaam kunnen blijven. We hebben zelfs een TV zender en een politieke partij die voor het eigenbelang van senioren opkomen. Zou Aristoteles dan toch gelijk hebben en zou ouder worden betekenen dat je vooral bang bent voor je eigen hachje?Zou ouder worden niet ook kunnen betekenen dat je juist een beter mens wordt? Waarom zou het per se bergafwaarts moeten gaan in onze levensloop? Het leven is natuurlijk een risico waarom je zelf niet gevraagd hebt. Maar onze pessimistische filosofen vergeten al te gemakkelijk dat de omstandigheden waarin mensen opgroeien en ouder worden, een grote rol spelen voor hun levensgeluk. Er bestaat nog altijd een grote ongelijkheid en sommige mensen hebben veel meer kansen dan anderen. Wie een slechte jeugd getroffen heeft, zal moeten vechten om overeind te blijven. Naarmate je ouder wordt, raak je bovendien steeds meer afhankelijk en kwetsbaar. Goed ouder worden kan niet alleen betekenen dat je voor jezelf opkomt, maar ook dat je oog hebt voor anderen, al was het maar omdat je weet dat je het zelf getroffen hebt en dat je zelf ook afhankelijk en kwetsbaarheid bent. De komende decennia komt er een enorme grijze golf aan. Nieuwe ronde, nieuwe kansen: deze senioren kunnen een flinke politieke macht vormen die zich juist inzet voor mensen die het minder getroffen hebben. Dat zou een partij zijn voor ruimhartigheid en wederzijds respect. Laten we niet eindigen als verzuurde senioren.